APPELEVIERKANTJES  /  VERHOUDINGSTABELLEN  /  KRUISLINGS VERMENIGVULDIGEN
( allemaal hetzelfde ) 
 
 

DUS :
stap 1 :   10  APPELS  =  €   5,-
                 8  APPELS   =  €  . . . . . ?

stap 2 :    10 APPELS  =  €   5,-  die 5  in je rekenmachine
                 8   APPELS  =  €  . . . . . ?

stap 3 :   10  APPELS  =  €   5,-   in een vierkantje werken
                 8  APPELS  =   €  . . . . . ?  € 5 zit erin, delen door 10 ( dan weet je het voor 1 appel )
                                                                                    en keer 8 dan heb je het voor 8 appels.)

                                                                 dus :  € 5,-  : 10 x 8  = € 4,-

Net zo :
1. 23  %  =  $ 237,50   hoeveel $ is 36,4 % ?
Of :
2. 23  %  =  $ 237,50  hoeveel % is  $ 165,37 ?
 


 
 



3.  de rekening voor 15 mensen uit eten is € 1286,50  hoeveel zou het gekost hebben met 11 man
4. van 2 appelbomen pluk ik elk jaar 127 kilo appels, hoeveel appels haal ik van 3,5 bomen
5. 1,3 kilo konijnenvoer is genoeg om 3 konijnen een week te eten te geven,
    ik heb 6,5 konijnen, hoeveel voer heb ik nodig voor een week ?
6. 1,3 kilo konijnenvoer is genoeg om 3 konijnen een week te eten te geven,
   mijn buurjongen gebruikt 7,2 kilo per week, hoeveel konijnen heeft hij ?
7. 2 mensen in dienst hebben bij de administratie kost per maand € 4356,82
    de administratie betaalt deze maand € 8060,12 dus hoeveel mensen hebben ze in dienst ?
8. Over 6,2 km fietsen doe ik 23,5 minuten, hoe lang fiets ik over 8,6 km ?
9. met 1 pak theezakjes doe ik 9,3 dagen, hoeveel pakken gebruik ik in 2 weken ?
10. zie vraag 7. In een pak ( voor 9,3 dagen )  zitten  28 theezakjes, hoeveel theezakjes gebruik ik in 3 weken ?
11. zie vraag 7. In elk theezakje zit 3,8 gram thee, een doos van 28 theezakjes is genoeg voor 9,3 dagen, hoeveel thee gebruik ik in 10 dagen  ?
12.  ik ga met 27 leerlingen naar de Ardennen. Vorig jaar had ik voor 22 leerlingen genoeg aan 8 potten pindakaas.
Hoeveel moet ik er dit jaar kopen ?.
( eerst precies uitrekenen, dus met 1 cijfer na de komma, die uitkomst wil ik weten,
en dan pas eventueel afronden omhoog omdat Aldi geen halve verkoopt )
13. in een hele pot pindakaas zit 645 gram. Hoeveel gram  pindakaas hou ik over ?


Op een pak cakemeel staat dat ik voor 500 gram meel 400 gram boter en 300 gram suiker nodig heb, en 2 eieren.
Ik heb maar 250 gram boter in huis en de winkels zijn dicht. Ik ga dus een kleinere
cake bakken met mijn boter.
14.  Hoeveel meel moet ik erin doen ?
15.  hoeveel suiker ?
16.  hoeveel eieren moeten erin ?

17. Ik verwarm een metalen staaf tot hij 12.7 graden  warmer wordt.
Als hij warm wordt zet hij uit : hij wordt 5.7 mm langer.
Hoeveel langer was hij geworden als ik hem maar 2,5 graden warmer gemaakt had ?
18. Van 1,3 pruimenbomen  pluk ik 15 dagen lang mijn ontbijt.
Ik heb 5,4 ( verschillende ) pruimenbomen. Hoeveel dagen kan ik ontbijten met pruimen ?
19. 3 werkstukken nakijken kost me ongeveer 8 minuten werk.
Hoeveel minuten doe ik over 97 werkstukken ? ( hoeveel uur is dat ? )
20. In 4 minuten kan ik 1,3 proefwerken nakijken.
Hoeveel minuten doe ik over een proefwerk van een hele klas van 32 leerlingen ?
________________________________________________________________________________________________

Als je dus drie getallen hebt, kun je de vierde uitrekenen.
Soms heb je er maar 2, dan moet je meestal zelf  ergens  ( als derde getal ) 100% aanvullen.
 

100 % mag je noemen : 
 -  als er oude en nieuwe bedragen zijn, het OUDE BEDRAG
 -  als er hele bedragen en deelbedragen zijn, het HELE BEDRAG
 -  het bedrag waar iets PROCENT VAN is, die van . . . is 100%


21.  de beroepsbevolking is 5,2 miljoen mensen, daarvan zijn er 7,2 % werkeloos. Hoeveel werkelozen zijn dat ? ( let op, je hoeft miljoen dus niet met nullen uit te schrijven, als je er miljoenen in stopt is de uitkomst ook gewoon weer in miljoenen )
22. de benzineprijs is gisteren weer verhoogd met 2,3 %, dat is 4,1 cent.Hoeveel was de oude prijs ?
23.  hoeveel wordt de nieuwe prijs ?
24.  Ik ga met 27 leerlingen naar de Ardennen. Vorig jaar had ik  22 leerlingen
Hoeveel % meer leerlingen heb ik nu mee ?
25.  Ik krijg op de bank 5,8 % rente per jaar . Ik heb er € 897,50 op staan. Hoeveel rente krijg ik dit jaar
26. Het rendement van mijn Philips aandelen is 0,8 % van wat ik erin heb gestopt. Ik heb € 17,55 rendement. Hoeveel heb ik ervoor betaald
27  reclame van een beleggingsfonds : 17,4 % in de laatste 4 jaar ( dan loop je dus wel risico dat je aandelen kelderen maar daar krijg je dan ook je opbrengst voor )  Hoeveel is dat dus hoogstens in 18  jaar ?
( en daar zou ik echt geen glaasje champagne op nemen ! )
28. op een bevolking van 16 miljoen ( da's een 16 met 6 nullen ) worden 1865679 baby's geboren.
Wat is het geboortecijfer ?
( aardrijkskunde - mensen doen  geboortecijfers, sterftecijfers, enz enz altijd in promille ( o/oo)
en 100 % = 1000 o/oo
dus reken het gewoon uit in % en neem dan 10 x zo veel, simpel he  )
29. Als er 123.768 mensen doodgaan op een bevolking van 2.960.000, wat is dan het sterftecijfer ?
30.  Ik wil gekozen worden tot voorzitter en de regels zeggen dat ik win als ik minstens  50,1 % van alle stemmen krijg. Er stemmen  237 mensen. Met hoeveel stemmen win ik ?
( eerst weer precies uitrekenen, dan pas kijken met hoeveel hele stemmen je binnen bent )
31. Ik wil een 23 gewichts % suiker oplossing maken : dat wil zeggen dat 23 % van alle gewicht straks suiker is
( en raad es hoeveel % er dan overblijft voor het water )
Ik wil uiteindelijk 1270 gram oplossing hebben. Hoeveel water moet ik nemen ? en hoeveel suiker ?
32. De Euro stond een week geleden nog op $ 0,8665  . Nu staat hij op $ 0,8137 .
Hoeveel % is de koers gedaald, op hoeveel % staat de koers nu
33. In 1999 zijn in het verkeer 1465 mensen om het leven gekomen, dat is 4,8 % meer dan het jaar ervoor.
Hoeveel waren het er eerst, hoeveel  zijn er bij gekomen
34. De gemeente vraagt toeristenbelasting : 15 % van de campingprijs.
Je betaalt  samen € 27,50 per nacht. Hoeveel is voor de camping, hoeveel krijgt de gemeente
35. Een museumkaartje kost jou € 3,50  maar dan heeft de overheid 70 % van de prijs betaald.
Hoeveel was de prijs, hoeveel heeft de overheid betaald
36. Een pilsje kost jou € 3,-  De overheid krijgt € 1,69 ( aan BTW en accijnsbelasting) , dat komt bij de oorspronkelijke prijs.
Hoeveel % van de oorspronkelijke prijs komt erbij,
37. hoeveel was de oorspronkelijke prijs,
38. hoeveel %  van de oorspronkelijke prijs betaal jij
39. Op een pak graszaad staat : 35 gram per m2
Je hebt er nog  1840 gram in zitten, hoeveel m2 kan je inzaaien
40. Op een zak kunstmest staat NPK 12+10+18, dwz 12 % van het gewicht is stikstof, 10 % is fosfor 18 % is kalium. Een schepje kunstmest is 150 gram,
a. hoeveel gram stikstof heb je dan ?
b. hoeveel gram fosfor ?
c. hoeveel gram kalium
41. zie ook 32. je wil dat er op 2,5 m2 grond uiteindelijk 60 gram stikstof komt
a. hoeveel gram moet er dan op 92 m2
b. hoeveel scheppen kunstmest moet je dan uitstrooien
c. hoeveel gram fosfor heb je dan per m2 ?
d. en hoeveel gram kalium per m2 ?

(antwoorden onderaan deze bladzijde.)

Dan kun je nu ook de Appelevierkantjes - puzzel, ga maar kijken !


 
 
 
 
 


 

ANTWOORDEN

1. 375,87
2. 16,0 %
3. 943,33
4. 222,3  (222,25) kilo
5. 2,8 kilo
6. 16,6 konijnen
7.  3,7 mensen in dienst
8. 32,6 minuten
9. 1,5 pak
10. 63,2 zakjes
11. 114,4 gram
12. Ik heb 9,8 potten nodig, dus ik koop 10 potten
13. Ik heb 0,2 pot over, da's 129 gram

14. 312,5 gram
15. 187,5 gram
16. 1,25 eieren nodig, dus ik kan 2 kleine eieren nemen en een beetje weglaten, of 1 extra grote nemen


17. 1,12 dat is 1,1 mm
18. 62,3 dagen
19. 258,7 minuten  ( = 4,3 uur )
20. 98,5 minuten

21. 0,3744mln, dat is 374400
( miljoenen zijn dingen die 6 nullen eten,
dus als je van gewone dingen miljoenen maakt verdwijnen er 6 nullen,
en als de weer van de miljoenen afstapt komen er weer 6 nullen bij,
of je doet de komma 6 plekken naar rechts, zodat je antwoord groter wordt
22. 178,3 cent
23. 182,4 cent
( eerst was het 100 %, het wordt 2,3 % meer,
dus is het nu 102,3 %
Doe een appelevierkantje en kijk wat eruit komt.
Controleer de uitkomst door de oude prijs en de prijsverhoging bij elkaar te tellen)
24. 27 leerlingen is 122,7 %, de oude klas was  100 %
dus nu heb ik 22,7 % meer
25. 52,055 that's € 52.06
26. 2193,75
27. 78,3 %
28. 11,7 %   116,6 o/oo
29. 4,2 o/o  41,8 o/oo
30.  ik heb precies 118,737 stemmen nodig
dus 118 is niet genoeg, maar bij  119 ben ik binnen
31. 292,1 gram sugar,
en 977,9 gram  water
32. de oude koers is 100 % , hij staat nu op 93,9%
dus de koers is 6,1 % gezakt
33. het oude bedrag is 100 %, er is 4,8 % bijgekomen
dus het nieuwe bedrag is 104,8 %
dus het waren er 1397,9 ( 1398 )
en er zijn er 67,1 ( 67 ) bijgekomen
34. 27,50 = 115 %
dus de gemeente krijgt 3,59 en de camping 23,91
35. 3,50 = 30 % van de eigenlijke prijs
dus de prijs was 11,67
en de overheid betaalt 8,17
36. oorspronkelijke prijs is100 % , da's 1,31
37. dus de overheid zet er 129 % op,
38. en jij betaalt dus 229 %
39. 52,6 m2
40.
a. 18 gr stikstof
b. 15 gr fosfor
c.  27 gr kalium
41.
a. 2208 gr
b. 122,7 scheppen
c.  1840 gr fosfor
d. 3312 gr kalium


 

Probeer ook es de Appelevierkantjes-puzzel
 

meer oefenstof op Grotere Appelevierkantjes